Scopenote(nl-BE): De expo-stijl verwijst naar de Wereldtentoonstelling in Brussel (1958) en straalt optimisme en geloof in de toekomst uit. De vormentaal typeert zich door diagonalen, boemerang- en V-vormen, en spits toelopende lijnen. Kenmerkend voor de expo-stijl zijn vlinderdaken, betonnen schaaldaken, hyperbolische paraboloïden, ellipsvormige trappen, en een voorkeur voor zwevende of hangende constructies (o.a. betonnen luifels). Ook opvallend zijn kleur- en materiaalcontrasten, waarbij moderne materialen, zoals beton, metaal, felgekleurde sandwichpanelen, en grote glasvlakken, worden gecombineerd met natuurlijke materialen, zoals gekleurde leisteen, marmer, of breuksteen. Voor het eerst werden ook kunststoffen toegepast.
De expo-stijl onderscheidt zich van het strakke zakelijk modernisme door lichtheid en speelse dynamiek, met vloeiende vormen, frisse kleuren en decoratieve accenten. (1958-1970)